Het licht brandt in onze kijkdoos

In het knielen van de avond fiets ik langs verlichte huiskamers. Glas omkadert het warme geelrode licht wat door voorruiten op de straat valt. De voyeur in mij steekt de kop op, terwijl de donkerte contouren schetst die me naar binnen trekken. M’n blik glipt naar binnen langs cactussen en porseleinen Tiroler taferelen. Voorwerpen gedrapeerd op bestofte vensterbanken bungelend boven vergeelde vitrages. Ik piek zo met een vaart langs verschillende schijven van de kijkdozen heen.

Ik ontdek verschillende opstellingen. Eettafel aan de ene, televisie aan de andere kant van de kamer. Een waaier aan kleuren, maar door de band genomen vrij beschaafd. De scenes net goed, alsof van boven een melodramatische sfeer gecontroleerd wordt. Een beetje meer kamerlamp op deel twee, ietwat minder spots op spelend grut. Schouwspellen voltrekken zich achter de bloempotten en plateaus vol welriekende kaarsen. Een woonkamer komt in niet heel erg veel verschillende smaken in deze wijk.

Verschillende podia ontstaan, figuren spelen schaduwspellen via de wanden. Onzichtbare touwtjes laat ze flaneren over de vloeren. Onderweg spreken ze elkaar aan, met verschillende motieven. Eéndelige pakken vloeien tot een enkele vorm samen met de bank. Een bakje eten op schoot, of gewoon op een stoel aan tafel. Gloeiende schermen vlakken anders zo mooi roze gezichten af met een blauwige gloed.

Wellicht spelen er kinderen, of worden er ruzies uitgevochten. Blauwe enveloppen opengetrokken met slecht nieuws. Lachend om elkaars grappen misschien, met een glas wijn alleen op de bank. Of enkel wat heen en weer swipen op een stukje glas met internetverbinding. Eerder gedraaide scripts, of compleet nieuwe stukken. Allemaal in hun eigen kijkdoos, voor mij om langs te razen.

Zo ben ik ook redelijk verlaat, onderweg naar een voorstelling. Ik zie dat de lichten in onze doos al branden. Een plek voor anderen om naar binnen te kijken, maar enkel een kaartje op de achterste rij krijgen. Schaduwspellen laten ruimte voor de verbeelding. Ze bevestigen de doodnormale opstelling van onze kijkdoos, waar voor ons altijd het licht zal branden.