Torenwacht

We nemen het meest uit een holle hand. We gaan er van
met onze armen op de rug lopen, op zoek naar uitleg
op van die kleine bordjes — museumtempo.

Vergeten naar voorbijgangers te zwaaien. Te vragen
hoe zij de zomers doorkwamen, we briesen
naar het bladmoes wat de straat verstopt.

Binnen is het vaak warmer. Waar twee dingen wonen
waar je nooit naar grijpen zal als ze vallen.
Ten eerste het bestek van iets overgroots

want het vele zeer wat ze open rijten. Zo ook
al het kleins wat in twijfel onder het donker
volmondig over je lippen rolt.

Vouw je hand om hun materie — de vele korrels sorry
waaruit je dagen boetseert tot stapels. Zet ze naast je
en raak elkaar als torens.